| |
Vaste
Activa - definitie
|
|
|
| |
Om de werking en continuïteit van een onderneming te waarborgen
is de investering in duurzame middelen vaak noodzakelijk. Deze middelen
zijn bedoeld om voor een langere tijd (meerdere jaren) in de onderneming
gebruikt te worden.
Het
gaat om de activa die zich situeren in de klasse 2 van de balans.
Oprichtingskosten
Bij oprichting van een onderneming kan er voor gekozen worden om
deze kosten te activeren. (kosten notaris, publicatie, advies,…
)
Immateriële
Vaste Activa
Activa die niet tastbaar aanwezig zijn : kosten van onderzoek en
ontwikkeling, merken, goodwill (klanten) …
Materiële
Vaste Activa
Activa die tastbaar aanwezig en tegelijk ook de meest voorkomende
:
Terreinen en gebouwen, machines en uitrusting, meubilair en rollend
materieel.
Financiële
Vaste Activa
Deelnemingen in andere ondernemingen. In tegenstelling tot de Beleggingen
hebben deze echter een duurzaam en niet-speculatief karakter. Ze
vertegenwoordigen eerder een relatie met de betrokken ondernemingen.
|
|
|
| |
Aanschaffingswaarde
en af te schrijven waarde |
|
|
| |
Aanschaffingswaarde
: totale aanschaffingswaarde exclusief BTW. Deze omvat naast de
eigenlijke aankoopprijs ook eventuele kosten zoals niet-terugbetaalbare
belastingen (bvb. Gedeelte niet-aftrekbare BTW op personenwagen
met dubbel gebruik) en vervoers- en verpakkingskosten.
Voorbeeld
Aankoop van een machine met waarde 10.000,00. Verplaatsingskosten
100,00.
rekening |
omschrijving |
Debet |
Credit |
|
Aankoop
van de goederen |
|
|
230000 |
Installaties, machines en uitrusting |
10.000,00 |
|
411000
|
Aftrekbare
BTW |
2.100,00
|
|
440000 |
Aan
Leveranciers |
|
12.100,00 |
|
|
|
|
|
Bijkomende
kosten |
|
|
230000 |
Installaties, machines en uitrusting |
100,00 |
|
411000
|
Aftrekbare
BTW |
21,00
|
|
440000 |
Aan
Leveranciers |
|
121,00 |
|
|
|
|
Af
te schrijven waarde : aanschaffingswaarde verminderd met de
eventuele restwaarde.

|
|
|
| |
Duurtijd,
afschrijving en boekwaarde |
|
|
| |
Duurtijd
: schatting van de periode waarin het actief in de onderneming gebruikt
wordt.
De duurtijd kan uitgedrukt worden in jaren of in kwantitatief meetbare
eenheden (machine-uren, km,…) Naarmate van het verbruik wordt
de afschrijving dan pro rata in de kosten opgenomen.
Afschrijving
: de periodieke kost waarmee het gebruiksgoed wordt verminderd.
Boekwaarde
: de waarde van het actief bekomen door de af te schrijven waarde
te verminderen met de reeds gebeurde afschrijvingen.
|
|
|
| |
Lineaire
afschrijvingsmethode |
|
|
| |
Lineair
: De af te schrijven waarde wordt gelijkmatig verdeeld over de duurtijd.
Meest algemene en (door de fiscus gemakkelijk) aanvaarde methode.
Een lineaire afschrijving over 5 jaar geeft dus een jaarlijks afschrijvingspercentage
van 20%.
Voorbeeld
Jaarlijkse afschrijvingen van machine met initiële boekwaarde
10.100,00
Tabel volgens lineaire afschrijvingsmethode :
jaar
|
beginwaarde |
percentage |
afschrijving |
afschrijvingen
- cumul |
restwaarde |
N
|
10.100,00 |
20% |
2.020,00 |
2.020,00 |
8.080,00 |
N+1 |
10.100,00 |
20% |
2.020,00 |
4.040,00 |
6.060,00 |
N+2 |
10.100,00 |
20% |
2.020,00 |
6.060,00 |
4.040,00 |
N+3 |
10.100,00 |
20% |
2.020,00 |
8.080,00 |
2.020,00 |
| N+4 |
10.100,00 |
20% |
2.020,00 |
10.100,00 |
0,00 |
Journaalpost :
rekening |
omschrijving |
Debet |
Credit |
|
Jaarlijkse
afschrijvingen |
|
|
630200 |
Afschrijvingen :
Installaties, machines en uitrusting |
2.020,00 |
|
230900
|
aan
Installaties, machines en uitrusting: afschrijvingen |
|
2.020,00 |
|
|
|
|

|
|
|
| |
Degressieve
afschrijvingsmethode |
|
|
| |
Degressief
: of versneld afschrijven. Deze methode gaat uit van een snellere
veroudering van het goed in de eerste periode van de duurtijd. Men
gaat hierbij de afschrijvingen berekenen op de restwaarde en niet
op de initiële waarde. Op deze manier blijft men op het einde
van de laatste periode wel met een saldo dat zal gecorrigeerd worden
wanneer het goed buiten gebruik wordt gesteld.
Voorbeeld
Jaarlijkse afschrijvingen van een aantal computers met initiële
boekwaarde 5.000,00
Tabel volgens degressieve afschrijvingsmethode :
jaar
|
beginwaarde |
percentage |
afschrijving |
afschrijvingen
- cumul |
restwaarde |
N
|
5.000,00 |
40% |
2.000,00 |
2.000,00 |
3.000,00 |
N+1 |
5.000,00 |
40% |
1.200,00 |
3.200,00 |
1.800,00 |
N+2 |
5.000,00 |
40% |
720,00 |
3.920,00 |
1.080,00 |
N+3 |
5.000,00 |
40% |
432,00 |
4.352,00 |
648,00 |
| N+4 |
5.000,00 |
40% |
295,20 |
4.611,20 |
388,80 |
Journaalpost :
rekening |
omschrijving |
Debet |
Credit |
|
Jaarlijkse
afschrijvingen (jaar N) |
|
|
630200 |
Afschrijvingen :
Installaties, machines en uitrusting |
2.000,00 |
|
230900
|
aan
Installaties, machines en uitrusting: afschrijvingen |
|
2.000,00 |
|
|
|
|
De
restwaarde na het vijfde jaar kan bij buitengebruikstelling eveneens
in kosten genomen worden. Er zijn geen praktische (fiscale) bezwaren
om de restwaarde in het laatste jaar eveneens op te nemen in de
afschrijvingen.

|
|
|
| |
Degressief
- lineaire afschrijvingsmethode |
|
|
| |
Meestal
combineert men de twee vorige methodes om de afschrijvingen te optimaliseren.
Het lineaire afschrijvingspercentage wordt hiertoe verdubbeld toegepast
op de restwaarde en niet telkens op de af te schrijven waarde. Wanneer
de degressieve afschrijvingswaarde lager wordt dan de lineaire afschrijving
stapt men opnieuw over op de lineaire methode.
Voorbeeld
Jaarlijkse afschrijvingen van een aantal computers met initiële
boekwaarde 5.000,00
Tabel volgens degressief-lineaire afschrijvingsmethode : in het
derde jaar wordt de degressieve afschrijving (720,00) kleiner dan
wat volgens de lineaire methode zou mogen afgeschreven worden (1.000).
Men stapt dus over naar het lineaire om maximaal te kunnen afschrijven.
jaar
|
beginwaarde |
percentage |
afschrijving |
afschrijvingen
- cumul |
restwaarde |
N
|
5.000,00 |
40% |
2.000,00 |
2.000,00 |
3.000,00 |
N+1 |
5.000,00 |
40% |
1.200,00 |
3.200,00 |
1.800,00 |
N+2 |
5.000,00 |
40% |
1.000,00 |
4.200,00 |
800,00 |
N+3 |
5.000,00 |
40% |
800,00 |
5.000,00 |
0,00 |
| N+4 |
5.000,00 |
40% |
0,00 |
5.000,00 |
0,00 |
Journaalpost :
rekening |
omschrijving |
Debet |
Credit |
|
Jaarlijkse
afschrijvingen (jaar N) |
|
|
630200 |
Afschrijvingen :
Installaties, machines en uitrusting |
2.000,00 |
|
230900
|
aan
Installaties, machines en uitrusting: afshrijvingen |
|
2.000,00 |
|
|
|
|
Op
die manier neemt men dus het goed volledig in kosten op 4 jaar i.p.v.
de lineaire methode op 5 jaar. Merk op dat het goed is na te gaan
of de fiscus deze methode aanvaardt in het voorkomend geval.

|
|
|
| |
Meerwaarden |
|
|
| |
Tijdens de levensduur is het mogelijk dat een vast actief geherwaardeerd
moet worden. Hieraan zijn echter wel aan aantal wettelijke voorwaarden
verbonden. De geherwaardeerde waarde dient in de toelichting van
dat jaar verantwoord te worden.
Meerwaarde : Heeft de aldus ontstane meerwaarde betrekking op activa
met beperkte levensduur dan wordt deze afgeschreven over de restlevensduur
van het actief. (bvb. Machines, installaties) Fiscaal worden afschrijvingen
op meerwaarden echter verworpen.
Heeft de meerwaarde betrekking op activa met onbeperkte levensduur
dan worden er geen afschrijvingen op geboekt. Op dat moment wordt
de meerwaarde tegengeboekt op het passief onder de rubriek “Herwaarderingsmeerwaarden”.
Voorbeeld
De oorspronkelijke aanschafwaarde van een gebouw bedroeg 200.000,00.
het afschrijvingsritme is 40 jaar (aan 2,5%). De jaarlijkse afschrijving
bedraagt dus gezien het lineaire stelsel 5.000,00.
Na 10 jaar wordt er een meerwaarde geboekt op basis van een schattingsverslag
: 75.000,00. De aldus geboekte meerwaarde zal gelijkmatig –op
een afzonderlijke rekening- moeten afgeschreven met het gebouw (dus
nog over de resterende 30 jaar aan 3,33% per jaar). Deze afschrijvingen
op de meerwaarde zullen evenwel fiscaal verworpen worden.
Journaalpost
:
rekening |
omschrijving |
Debet |
Credit |
|
Boeking
van de meerwaarde |
|
|
221800 |
Geboekte meerwaarde op gebouwen |
75.000,00 |
|
| 121020 |
aan
Herwaarderingsmeerwaarden op MVA |
|
75.000,00 |
|
|
|
|
| |
Boekingen
ivm afschrijvingen jaar N+10 |
|
|
630200 |
Afschrijvingen
MVA |
7.500,00 |
|
221900 |
aan
Afschrijvingen gebouwen |
|
5.000,00 |
221890 |
Afschrijvingen
gebouwen : meerwaarde |
|
2.500,00 |
| |
|
|
|

|
|
|
| |
Waardevermindering |
|
|
| |
De minderwaarde op een actief met beperkte levensduur die het gevolg
is van extra - normale bedrijfsactiviteit zal moeten beschouwd worden
als een uitzonderlijke kost (en wordt mogelijk fiscaal niet aanvaard).
Voorbeeld
Een machine wordt aangekocht voor 50.000,00 en men schat de levensduur
op 10 jaar. Als gevolg van het lineaire principe wordt er jaarlijks
5.000,00 afgeschreven.
Op het einde van het 3e jaar herziet men ingevolge versnelde slijtage
de levensduur naar 5 jaar en past men de afschrijvingen aan naar
10.000,00.
De
afschrijvingstabel zou er dus als volgt uitzien (met een tekort
aan afschrijvingen van 15.000,00)
jaar
|
beginwaarde |
percentage |
afschrijving |
afschrijvingen
- cumul |
restwaarde |
N
|
50.000,00 |
10% |
5.000,00 |
5.000,00 |
45.000,00 |
N+1 |
50.000,00 |
10% |
5.000,00 |
10.000,00 |
40.000,00 |
N+2 |
50.000,00 |
10% |
5.000,00 |
15.000,00 |
35.000,00 |
N+3 |
50.000,00 |
20% |
10.000,00 |
25.000,00 |
25.000,00 |
| N+4 |
50.000,00 |
20% |
10.000,00 |
35.000,00 |
15.000,00 |
Deze bijkomende afschrijving zal in het jaar van vaststelling geboekt
worden (einde van het derde boekjaar). Wat in het jaar N+2 leidt
tot volgende posten :
Journaalpost
:
rekening |
omschrijving |
Debet |
Credit |
|
Boekingen
ivm afschrijvingen jaar N+2 |
|
|
630200 |
Afschrijvingen MVA |
5.000,00 |
|
| 121020 |
aan
Herwaarderingsmeerwaarden op MVA |
|
75.000,00 |
|
|
|
|
| |
Boekingen
ivm afschrijvingen jaar N+10 |
|
|
630200 |
Afschrijvingen
MVA |
7.500,00 |
|
660200 |
Uitzonderlijke
afschrijvingen en waardeverminderingen op MVA |
15.000,00 |
|
|
230900 |
aan
Inst., Machines en Uitrusting: afschrijvingen |
|
20.000,00 |
| |
|
|
|

|
|
|
| |
Verkoop
van vaste activa |
|
|
| |
Het resultaat van een verkoop wordt als volgt bepaald :
|
|
Aanschaffingswaarde |
|
+ |
Geboekte
meerwaarde |
|
- |
waardeverminderingen |
|
- |
Geboekte
afschrijvingen |
|
= |
Boekwaarde |
|
- |
Verkoopprijs |
|
= |
Resultaat |
De
verkoop zelf wordt beschouwd als een niet-courante bedrijfsactiviteit
en leidt
bijgevolg tot creatie van een Diverse Vordering.
Journaalpost
:
rekening |
omschrijving |
Debet |
Credit |
|
Boeking
van de verkoop |
|
|
416900 |
Andere Diverse Vorderingen |
1.231,00 |
|
| 451100 |
aan
Verschuldigde BTW bij verkopen |
|
231,00 |
| |
Verkopen
Vaste Activa |
|
1.000,00 |
|
|
|
|
| |
Bepaling
van het resultaat |
|
|
707000 |
Verkopen
Vaste Activa |
1.100,00 |
|
230900 |
Afschrijvingen
Machines |
8.000,00 |
|
| 641000 |
Minderwaarde
op realisaties MVA |
900,00 |
|
230000 |
aan
Machines, Installaties en Uitrusting |
|
10.000,00 |
741000 |
Meerwaarde
op realisatie MVA (desgevallend) |
|
.../... |

|
|
|
| |
Pro
rata temporis
Wat houdt de regeling in en op welke vennootschappen is ze van toepassing
?
|
|
|
| |
De hervorming van de vennootschapsbelasting die van kracht werd
sinds het aanslagjaar 2004, bevatte naast de tariefverlaging van
39% naar 33%, ook enkele compenserende maatregelen.
Eén van deze maatregelen was het afschrijven “pro rata
temporis” tijdens het jaar waarin een actief wordt aangeschaft.
Daar waar tot voordien een volledig boekjaar als bedrijfskost mocht
ingebracht worden, dient de kost nu het eerste jaar beperkt te worden
tot het aantal dagen werkelijk gebruik in het jaar van aanschaf.
De omrekening gebeurt op basis van de datum van ingebruikstelling,
normaliter weerspiegeld door de aankoopdatum om de factuur. (x/365)
De noemer van de omrekeningsbreuk bevat hierbij het aantal dagen
in het kalenderjaar van aankoop. De teller geeft het aantal gebruikte
dagen weer.
Twee
voorbeelden van een berekening “pro rata temporis” maken
dit duidelijk (lineair en degressief/lineair)
VB1
Lineaire afschrijving.
Aankoop
van een bedrijfswagen met dubbel gebruik. 20.000,00 EBTW
BTW 21% = 4.200,00 voor de helft aftrekbaar; de rest wordt bij de
aankoopwaarde gevoegd.
Af te schrijven waarde = 22.100,00
Aankoopdatum : 22/06/N -> gebruik in jaar van aanschaf = 192
dagen
jaar
|
beginwaarde |
percentage |
afschrijving |
afschrijvingen
- cumul |
restwaarde |
N
|
22.100,00 |
20% |
2.325,04 |
2.325,04 |
19.774,96 |
N+1 |
22.100,00 |
20% |
4.420,00 |
6.745,04 |
15.354,96 |
N+2 |
22.100,00 |
20% |
4.420,00 |
11.165,04 |
10.934,96 |
N+3 |
22.100,00 |
20% |
4.420,00 |
15.585,04 |
6.514,96 |
N+4 |
22.100,00 |
20% |
4.420,00 |
20.005,04 |
2.094,96 |
N+5 |
22.100,00 |
20% |
2.094,96 |
22.100,00 |
0,00 |
VB2
Degressief-lineaire afschrijving
Aankoop
van 2 computers met waarde 3.000,00. Degressief afgeschreven vanaf
20/10/N. (72 dagen in het jaar van aanschaf)
jaar
|
beginwaarde |
percentage |
afschrijving |
afschrijvingen
- cumul |
restwaarde |
N
|
3.000,00 |
40% |
236,71 |
236,71 |
2.763,29 |
N+1 |
3.000,00 |
40% |
1.105,32 |
1.342,03 |
1.657,97 |
N+2 |
3.000,00 |
40% |
663,19 |
2.005,22 |
994,78 |
N+3 |
3.000,00 |
40% |
600,00 |
2.605,22 |
394,78 |
N+4 |
3.000,00 |
40% |
394,78 |
3.000,00 |
0,00 |
N+5 |
3.000,00 |
40% |
0,00 |
3.000,00 |
0,00 |
In maart van het jaar 2004 velde het Arbitragehof bovendien nog
een arrest dat een eerdere uitzondering op deze maatregel voor KMO’
s teniet deed. Als gevolg daarvan zullen vanaf het aanslagjaar 2005
meer vennootschappen kunnen genieten van de gunstmaatregel en dus
toch nog een volledig jaar kunnen afschrijven.
Alle
vennootschappen die een verkorte jaarrekening opstellen hoeven dus
geen rekening te houden met de pro rata temporis-regel. Het gaat
om KMO’s die voor het laatst afgesloten boekjaar niet meer
dan één van de volgende criteria overschrijden :
- jaargemiddelde
van het personeelsbestand : 50
- jaaromzet exclusief BTW : 6.250.000 euro
- balanstotaal : 3.125.000 euro
Tenzij
het jaargemiddelde van het personeelsbestand meer dan 100 bedraagt.
|
|
|
|